U bent hier

Interview

Inclusiekoren zijn koren waarin iedereen kan meedoen, ongeacht leeftijd, afkomst, zangervaring, beperking… Op vele plaatsen ontstaan initiatieven waarbij het musiceren, het samen zingen centraal staan. Het stads[K]oor Kortrijk is zo’n initiatief. Dit koor is moeilijk voor één muzikaal gat te vangen. En dat heeft alles te maken met dj/componist/producer Dimitri Andreas die de groep met electronics ondersteunt en artistieke duizendpoot Diederik Glorieux die als dirigent alles in de meest avontuurlijke banen leidt. Een voorstelling van het stads[K]oor is een beleving, een muzikale reis die je ook als toeschouwer niet snel zal vergeten!

Om het stads[K]oor en de werking ervan voor te stellen, gaan we in gesprek met Diederik Glorieux. Diederik is een brok energie die door zijn gedrevenheid, zijn passie en professionele expertise het stads[K]oor meeneemt op een ongeziene en vooral ongehoorde muzikale trip waarin klanklandschappen ontstaan die de veelzijdigheid en diversiteit van de thuisstad Kortrijk weerspiegelen. Diederik is componist, dirigent en uitvoerend musicus. In zijn werk laat hij de rollen van scheppend en uitvoerend kunstenaar zoveel mogelijk in elkaar overvloeien en doorbreekt hij de hiërarchie tussen de musici. Als onderzoeker was hij nauw betrokken bij de realisatie van verschillende werken en producties van de helaas veel te vroeg overleden componist Wim Henderickx (1962-2022). 

Het stads[K]oor Kortrijk is nog niet zo lang geleden van start gegaan. Hoe is het begonnen?

Diederik: ‘Alles begon in de schoot van vzw Wit.h, een organisatie die zich focust op kunstbeleving die zich niet de wet laat spellen door de markt of andere, externe invloeden: ethisch, esthetisch en politiek op één lijn met kunstenaars die om activistische redenen Crip worden genoemd. In hun artistieke expedities bevragen en herdenken deze kunstenaars de toegankelijkheid van het kunstenveld en willen ze dat kleurrijk bevolken. Er waren al enkele initiatieven waarin o.a. gemusiceerd werd met mensen met een beperking. Windstoot was een project, een Art Expeditie, dat focuste op de macht van de beperking, geïnspireerd door een gelijknamig schilderij van Léon Spilliaert. In Bloedtest ging men in samenwerking met het Museum Dr. Guislain de ethische en maatschappelijke gevolgen van de NIP-test onderzoeken. Het project wou via tentoonstellingen en een artistieke expeditie weten of dergelijke wetenschappelijke evoluties leiden tot ‘een perfecte mens’.’

Dat zijn geen evidente onderwerpen!

Diederik: ‘Klopt. Op een bepaald moment vroeg de directeur en zakelijk leider van Wit.h Luc Vandierendonck me om ook een project te doen. In het begin had ik wat koudwatervrees maar onder het motto ‘laat het me proberen, dan zal het zeker lukken’ ben ik eraan begonnen. Mijn insteek was van in het begin aan de hand van een klankonderzoek een zoektocht te starten naar de mogelijkheden van de stem. Ik vroeg me daarbij af hoe we mensen met een kwetsbaarheid op een evenwaardige manier kunnen laten musiceren als mensen zonder een kwetsbaarheid of beperking. Daarbij gingen we vooral op zoek naar de raakpunten in plaats van de verschillen. Een goed voorbeeld daarvan is hoe we één van onze zangers met het Syndroom van Down lieten soleren samen met Mireille Capelle van het HERMESensemble. Er ontstond een mooi samenspel waarbij het verschil in de technische kwaliteiten van beide personen compleet leek te vervallen door de muzikale communicatie die er ontstond. Het opreden had een bijzonder grote impact op het publiek, dat er emotioneel bij betrokken raakte!’

Ik vroeg me af hoe we mensen met een kwetsbaarheid of beperking op een evenwaardige manier kunnen laten musiceren als mensen zonder. We gaan vooral op zoek naar de raakpunten in plaats van de verschillen.

In het begin waren het kortlopende projecten. Hoe heeft dat geleid tot een vaste koorwerking?

Diederik: ‘Omdat we bij de eerste kleinere, kortlopende projecten telkens opnieuw van nul moesten starten, onderzochten we hoe we een project op poten konden zetten dat standvastiger was en dat nog meer ‘gehuisvest’ was in de stad. We wilden mensen van diverse pluimage samenbrengen en motiveren om een project op te starten dat over langere tijd liep en dat geworteld was in Kortrijk. Van meet af aan was het voor ons duidelijk dat iedereen welkom moest zijn, dat er geen enkel onderscheid mocht en zou gemaakt worden.’

Is het de bedoeling dat jullie met bekend repertoire aan de slag gaan?

Diederik: ‘Neen, integendeel. We willen aan de hand van allerlei mogelijke vocale expressievormen muziek maken. Op enkele uitzonderingen na, musiceren we zelfs zonder tekst! Momenteel werken we bijvoorbeeld aan De Wonderlijke healing case van A!, een project met liederen op tekst en melodieën van Frank Adam (*). Het probleem is, vinden wij, dat als je op een tekst zingt, je jezelf laat inspireren door een ‘stem’ die niet de jouwe is. Wij willen dat de kwaliteiten van onze zangers centraal staan, dat werkt spontaneïteit in de hand. Soms begint er iemand uit het niets aan boventoon- of keelzang te doen. Je weet niet wat je hoort!'

Hoe rekruteren jullie de zangers? 

Diederik: 'Een startgroep werd gerekruteerd door Durf2030. Deze organisatie geeft regio Kortrijk een duwtje in de rug om te experimenteren met sociale verandering.
Sinds vorig jaar gebeurt de rekrutering ook spontaan. Vaak via mond-tot-mondverhalen. We organiseren ook open repetities en dan merken we soms dat wat wij doen buiten de comfortzone van sommige geïnteresseerden ligt. Maar eens de stap gezet werkt onze manier van koorzingen heel bevrijdend. En dat komt door het improviserend karakter van onze werkwijze. Niemand moet iets, iedereen mag alles. Voor sommigen is het een individueel traject, anderen vinden het collectieve dan weer belangrijk. We vertrekken altijd vanuit respect. Dat is ook de reden dat we vaak met vrije podiumopstellingen werken zodat alle zangers een plekje kunnen kiezen waar ze zich goed bij voelen. Integratie in de groep is een van de belangrijkste aandachtspunten!’

Elektronica is heel belangrijk in jullie voorstellingen?

Diederik: ‘Inderdaad, we zijn bijzonder blij en trots dat Dimitri Andreas met ons samenwerkt. Ik werk als componist al langer met hem samen, maar hij is vooral bekend om zijn groove-gedreven producties en energieke dj-sets. Daarnaast maakt hij muziek voor documentaires en kortfilms. Hij heeft als dj de wereld afgereisd en speelde onder andere op Tomorrowland. Hij had dat deel van zijn activiteiten wat gehad en focust zich nu op ‘klank’ in plaats van op ‘muziek’. Hij is niet wekelijks aanwezig maar als hij er is, is hij bijzonder enthousiast. Voor zijn muziek start hij vaak van in de natuur en in de stad opgenomen samples. Tijdens onze voorstellingen zorgt hij voor een klankentapijt dat vaak gebaseerd is op de geluiden die onze zangers maken. Op dat klankenfundament wordt dan verder geïmproviseerd. Dimitri is volledig mee in ons verhaal. Hij faciliteert, de zangers maken het muzikaal verhaal.’

Voor zijn muziek start Dimitri vaak van in de natuur en in de stad opgenomen samples. Tijdens onze voorstellingen zorgt hij voor een klankentapijt dat gebaseerd is op de geluiden die onze zangers maken. 

Jullie werken op alle vlakken anders dan andere koren. Hoe moet ik me een voorstelling van het stads[K]oor dan voorstellen?

Diederik: ‘Omdat we met experiment en improvisatie werken zijn geen twee repetities of voorstellingen gelijk. Ik vind het daarbij belangrijk dat ik nooit over ‘mijn’ koor zal spreken. Ik ben een onderdeel van het geheel, ik ben aanwezig, ik organiseer en structureer. Tijdens onze performances mengen de zangers zich soms tussen het publiek of bewegen ze vrij door de ruimte, tussen de toeschouwers. We worden één met het publiek. Op een bepaalde voorstelling kwam een deel van het publiek plots via een doorgang die we niet verwachtten. Iemand van de groep dacht dat de voorstelling begonnen was en begon te musiceren. De rest volgde. Het was ook voor mij een oefening om bepaalde vooraf afgesproken structuren los te laten. Tijdens de repetities gebeuren vaak onvoorziene dingen, afspraken lopen fout, maar we beschouwen dat als opportuniteiten die mogelijkheden genereren waarop ik op inspeel.’

Waar haal jij je inspiratie?

Diederik: ‘Ik probeer me altijd en overal als een spons op te stellen. Zo was ik eens in India en ik had het geluk een groot tapijtatelier te bezoeken. Er werd op een heel hoog niveau gewerkt. Ik vond het fascinerend dat de wevers altijd met twee aan een weefgetouw zaten en samen aan één tapijt werkten. De onderlinge coördinatie van de patronen gebeurde al zingend. De wevers kennen de patronen uit het hoofd en de simultaneïteit werd al zingend bekomen. Ik vroeg of er dan geen fouten in de tapijten slopen. Ik kreeg als antwoord: ‘Enkel God is zonder fouten’. Zoiets werkt inspirerend. Als we een performance doen met bijvoorbeeld dertien scènes, dan gebeurt het dat er een scène wordt overgeslagen. Maar dat vangen we op. Onze manier van musiceren laat dat toe. Er zijn marges!’

Lees verder onder de video

In het koor vertrekken we altijd van een canon, een responsoriale structuur of een melismatisch organum. Het zijn embryonale vormen van meerstemmigheid die ons liggen.

Je spreekt vaak over een performance en niet over een concert. Bewust?

Diederik: ‘Natuurlijk. Ik probeer scheppend en uitvoerend musiceren te combineren in onze performances. Iedereen is via de muziek verbonden met elkaar. Daar halen wij allemaal onze inspiratie en energie vandaan. Onze zangers zijn performers, ze wijzen mij soms ook de weg naar een nieuwe oplossing. Die interactie ontstaat gaandeweg, is natuurlijk en een continue cirkelbeweging. Zo werk ik altijd, ook als ik met een symfonisch orkest werk! In het koor vertrekken we altijd van bijvoorbeeld een canon, een responsoriale structuur of een melismatisch organum. Het zijn embryonale vormen van meerstemmigheid die ons liggen. Uiteraard beheersen we dat niet volledig, toch geeft het ons zingen structuur.’

Hoe ziet de nabije toekomst eruit?

Diederik: ‘We hebben een paar maanden geleden een eigen vzw opgericht, maar we blijven gelinkt aan Wit.h. Er staan enkele projecten op stapel, maar we doen alles op ons tempo. Een van onze belangrijkste uitgangspunten is dat alles een bepaalde kwaliteit moet hebben, dat wat we doen betekenis heeft. Er staat een project op stapel met een Turkse componiste die tijdens de performance zelf ook zandtekeningen maakt. Ook zij gebruikt daarbij een eigen artistieke taal. We gaan onderzoeken hoe wij intuïtief kunnen musiceren op de tekeningen die zij zal maken. De factor onderzoek blijft belangrijk in onze projecten. We hebben ook enkele jonge componisten uitgenodigd om een samen met het stads[K]oor een traject te lopen.’

Wat een mooi verhaal schrijven jullie! Ik wens jullie in alles wat jullie doen en ondernemen bijzonder veel succes!


(*) Het aangrijpende passieverhaal van de moderne derde-millennium-mens – zijn lijden aan en genezing van kanker.  Met liederen zoals Ik zing mijn longen vrij willen we via zingen zoveel als mogelijk helende energie creëren en delen. De liederencyclus gaat in première op 24 mei 2026 in Abby Kortrijk.  Frank Adams gelijknamige filosofische vertelling verschijnt in april bij uitgeverij Ka.Dag.

Projecten

29/03 ‘Co-House’ - Wit.h Kortrijk
23 & 24/05 ‘De wonderlijke healing case van A!’ – ABBY Kortrijk
07/08 ‘Evangelie van een meeuw’ opera try out - TAZ Oostende
26/09 ‘Infinizio’ – St.-Salvatorkerk, Harelbeke
23/10 Oratorium: ‘The Crip Song’ - museum dr. Guislain, Gent
22/11 ‘BenoitLab’ 8 uur performance – Benoit Huis, Harelbeke


Volg op Facebook

Foto's © Jonas Verbeke & Alexander Glorieux

Terug naar boven